Strepen op de weg

Ons wegdek staat vol strepen, je zou er tureluurs van worden. Het gekke is, dat als je eenmaal vaak rijdt, die strepen alleen maar handig zijn en niet meer gekmakend. Even op een rijtje:

  • Dubbele witte onderbroken streep met daartussenin groen: je mag hier maximaal 100 km/uur rijden. Het groen moet je als een middenberm zien, die er vaak is als je 100 mag rijden. Je mag hier inhalen.


  • Doorgetrokken dubbele streep met daartussenin groen: inhalen verboden en maximaal 100 km/uur.



  • Dubbele witte onderbroken streep zonder groen: maximaal 80 km/uur. Inhalen mag.



  • Doorgetrokken dubbele of enkele streep: inhalen verboden en maximaal 80 km/uur.



  • Enkele onderbroken middenstreep: inhalen mag, als het kan. Meestal 60 km/uur.

  • Geen strepen: lastig, welk deel van de weg is voor jou? Maximaal 60 km/uur en kijk goed uit als je wil inhalen!

  • Gele streep langs stoeprand: onderbroken, dan is parkeren verboden. Doorgetrokken, dan is zelfs even stilstaan verboden.

  • Gele strepen op de rijbaan: die worden tijdens wegwerkzaamheden aangebracht. Je moet ze volgen, ook al zie je de witte strepen iets anders aangeven.


  • Blauwe stoeprand of blauwe vakken: parkeren mag, maar alleen met een parkeerschijf.

  • Rode fietsstrook: geeft aan dat hier fietsers rijden. Verder niets. Je vermindert automatisch je snelheid, omdat je opeens over minder ruimte lijkt te beschikken. Behalve als er ook een fiets in het wit op het rode asfalt staat. Dan is die rode baan specifiek het fietspad, waar de motor niet mag komen.

Fijn, al die strepen op het wegdek. Echt, ze helpen je. Zeker als er ook nog voorsorteerpijlen bij staan. Onthoud goed: verkeersborden gaan boven strepen. Ook al geven de strepen iets anders aan.